Onder leiding
van Tom Pernet en gecoördineerd door Gaston Vanhoof werd
in de ijsbaan Den Bruul nogmaals het ‘dimpverhaal’ (Alex Martens
bewerkte de schriftuur van Jozef De Voght) verteld en geëvoceerd
met gezongen en gesproken stukken, afgewisseld met licht-
en geluidsmontages, choreografie en videopresentaties.
Voor het muzikale aspect tekende Erik Vinken.
Hij zette muziek op teksten van Paul Van Hove en nam ook het
koor onder zijn leiding. De muzikale gedeelten werden als
hoogtepunten van het spektakel gequoteerd. Maar ook vele sterke
scènes in een steeds wisselend reuzendecor waren bijzonder
indrukwekkend en gaven aanleiding tot zeer lovende en positieve
reacties.
Het was dan ook een organisatorische krachttoer
van jewelste. Met professionele begeleiding, de inzet van
vele medewerkers (om en bij de 150!) en de nodige creativiteit
bleek er iets groots mogelijk. Er traden tientallen figuranten
van Geelse verenigingen en individuele vrijwilligers aan,
tien Kempenaars (o.a. zeven GVT’ers), zeven Ierse hovelingen
(vier GVT’ers) aangevuld met een troep priesteressen (zestien
eenheden GVT-jeugd), negen Ierse ridders (zes GVT’ers), Eddy
Verdonck (Teigh), Alex Martens (Gerebern) en Karel Smet (O’Connor).
De rol van Dimpna wel afwisselend vertolkt door Liselotte
Gilis en Martine Dams.
Anne Verreyt en Lea Mertens assisteerden.
Lief Kestens en Maria Lievens dirigeerden een achttal ‘naaimoeders’.
De ommegangkleding was een aardige reserve om van te vertrekken.
Het immense decor (vele stukken, het ene nog groter dan het
andere, zoals een kapel, verrijdbare platformen voor de koren,
een Zammels café met zelf gemaakte tafels en stoelen,
boot, altaar, massa’s doeken…) en ook veel vervoer kwam er
door de technische dienst van de stad Geel o.l.v. Frans Dams.
Rekwisieten werden bij mekaar gezocht door Anja Vanlommel
en Richard Vanhamel. Een vijfkoppig GVT-belichtings-en geluidsteam
had het bijzonder zwaar en mocht vele nachtelijke uren kloppen
om de bediening van de professionele installaties onder de
knie te krijgen en te tunen. De muzikale opnames kwamen er
via Peter Schreurs en Roland Belgium. Erik Devisch en Barco
namen de filmprojectie op zich.
Pas tijdens de generale werden alle verschillende
taferelen aan mekaar ‘geplakt’. Na de première hoorden
we van iemand die het kon weten, dat Dimpna voor een mirakel
had gezorgd. Die eerste voorstelling en alle andere verliepen
zo goed als vlekkeloos.
 |
 |
| dimp druïde
in Het Sint-Dimpnaspel (Den Bruul) |
Café
in Zammel |
In de kantine van Den Bruul en in die achter
de tribune (voor 1000 toeschouwers) vloeide de Zeunt als nooit
tevoren. Een toffe bende Sint-Aloysiusscouts hielp ons om
alle service voor mekaar te krijgen want onze medewerkers
waren even op. Dezelfde groep zou ons nog menigmaal in de
zaal bijstaan als onze tapverrichtingen dreigden te verslappen.
Omdat dit een nogal een prijzige productie dreigde te worden
en we vreesden voor contaminaties met onze vele financiële
transacties bij de bouw, werd een aparte GVT-controleur bij
het project ingeschakeld (een werkje voor Jef Kestens). De
gemeente had zich borg gesteld voor alle kosten. Mede daardoor
en omwille van veel recupereerbare materialen (doeken, hout,
tapis plein, gordijn…) waren dit beste ‘renderende’ opvoeringen
(ter compensatie van veel zweet). Faits divers: Tom Pernet
had graag een paard laten optreden; gelukkig zegevierde het
gezond verstand voor een keer.
De opkomst was echter niet wat we ervan
verwacht hadden.
 |
 |
| de zieken |
dimp &
co & koor |
|